Wanneer we aan onze spijsvertering denken, denken we meestal aan onze maag en darmen die het voedsel verwerken dat we eten. Maar in onze darmen gebeurt nog heel wat meer. Er leven namelijk enorme aantallen bacteriën en andere micro-organismen die mee een rol spelen in onze spijsvertering.
Samen noemen we die gemeenschap het darmmicrobioom.
Wat is het darmmicrobioom?
Het darmmicrobioom bestaat uit bacteriën, schimmels, virussen en andere micro-organismen die in ons darmstelsel leven, samen met hun genetisch materiaal.
Het grootste aantal bevindt zich in de dikke darm. Daar vinden ze een omgeving waarin ze kunnen leven en voedingsstoffen kunnen benutten die wij zelf niet volledig kunnen verteren.
Niet alle bacteriën doen hetzelfde. Sommige helpen bij de afbraak van bepaalde voedingsvezels, andere produceren stoffen die door onze darmcellen gebruikt kunnen worden.
De samenstelling van het microbioom verschilt van persoon tot persoon. Zelfs binnen één persoon blijft die niet voortdurend hetzelfde.
Wat doen die darmbacteriën?
Onze darmbacteriën hebben verschillende functies.
Een belangrijke taak is het fermenteren van bepaalde voedingsvezels. Die vezels bereiken de dikke darm zonder dat ze volledig verteerd zijn. Daar worden ze door bacteriën afgebroken.
Bij dat proces ontstaan onder andere korteketenvetzuren. Een daarvan is butyraat, ook wel boterzuur genoemd. Dat vormt een belangrijke energiebron voor de cellen van de dikke darm.
Daarnaast staat het darmmicrobioom voortdurend in contact met ons immuunsysteem. In en rond de darmwand bevindt zich namelijk veel immuunweefsel. Dat is logisch, want via onze voeding komen allerlei stoffen en micro-organismen ons lichaam binnen.
De darmwand moet voedingsstoffen kunnen opnemen en tegelijk een beschermende grens vormen.
Waarom is variatie belangrijk?
In een gezond darmmicrobioom leven heel wat verschillende soorten micro-organismen naast elkaar.
Die verscheidenheid noemen we microbiële diversiteit.
Verschillende bacteriën gebruiken verschillende voedingsstoffen. Daarom is een gevarieerd voedingspatroon interessant. Groenten, fruit, peulvruchten, volkoren granen, noten en zaden leveren uiteenlopende vezels en plantaardige stoffen.
Toch betekent een grotere diversiteit niet automatisch dat ieder microbioom gezonder is. Ook de soorten die aanwezig zijn en de functies die ze vervullen, spelen een rol.
Verandert je darmmicrobioom?
Jazeker. De samenstelling kan veranderen onder invloed van verschillende factoren.
Wat je eet, welke geneesmiddelen je gebruikt, je leeftijd, ziekte, slaap en dagelijkse gewoonten kunnen allemaal een invloed hebben.
Vooral antibiotica kunnen de samenstelling tijdelijk sterk veranderen, omdat ze ook bacteriën treffen die normaal in onze darmen leven.
Het microbioom is dus geen vaststaand geheel. Het is een levende gemeenschap die voortdurend reageert op haar omgeving.
Wat kun je zelf doen?
Een gevarieerde voeding vormt een goede basis. Probeer regelmatig verschillende groenten, fruitsoorten, peulvruchten en volkoren producten te eten.
Ook gefermenteerde voedingsmiddelen kunnen een plaats krijgen in je voedingspatroon. Denk bijvoorbeeld aan yoghurt met levende culturen, kefir of rauwe, ongepasteuriseerde zuurkool.
Het is daarbij goed om te weten dat niet ieder gefermenteerd product automatisch levende micro-organismen bevat. Sommige producten worden na de fermentatie verhit.
Daarnaast zijn voldoende beweging, slaap en aandacht voor stress belangrijk voor je algemene gezondheid en kunnen ze ook invloed hebben op je spijsvertering.
Je darmmicrobioom is een bijzonder stukje natuur in je eigen lichaam. En net zoals in je moestuin is een gevarieerde omgeving interessant voor al dat leven.

Bubbels & Fermenten
