Uiensoep is zo'n gerecht waarvoor je niet veel ingrediënten nodig hebt. Een flinke hoeveelheid ajuinen, wat boter, bouillon en enkele kruiden zijn al voldoende om een heerlijke soep op tafel te zetten. Het belangrijkste is dat je de ajuinen rustig laat stoven, zodat ze mooi goudbruin worden en hun natuurlijke zoete smaak vrijkomt.

Vroeger was uiensoep een echt volksgerecht. Ajuinen waren goedkoop, gemakkelijk te bewaren en bijna altijd in huis. Met wat bouillon en een stuk oud brood kon je er een voedzame maaltijd van maken. In Frankrijk groeide deze eenvoudige soep uit tot de bekende gegratineerde uiensoep, met een sneetje brood en gesmolten kaas bovenop.

Voor mijn versie gebruik ik plantaardige boter en groentebouillon. De tijm en laurier zorgen voor de vertrouwde kruidige smaak. Wie graag een wat vollere soep heeft, kan ook een scheutje droge witte wijn toevoegen.

En dat stukje stokbrood met gegratineerde kaas? Dat hoort er voor mij helemaal bij. Met een plantaardige kaas die goed smelt, maak je ook die afwerking volledig vegan, zoals mijn schoondochter verkiest.